Verklarende woordenlijst scanning en imagingAAccelerator board Een hardware kaart dat in de scan PC ge?nstalleerd wordt en zorgt voor het aansturen van de scanner. Wordt ook wel een Controller genoemd. Kofax levert een aantal verschillende accelerator boards. Afhankelijk van het type verhogen deze kaarten de snelheid van het scannen en kunnen zorgen voor verschillende functies die de PC ontzien, zoals barcode herkenning, blackborder removal, deskew, etc. ACE Adaptive Contrast Enhancement Automatische beeldverbetering voor Bell+Howell scanners (VRS van Kofax en iThresholding van Kodak). Achromatische kleur De primaire kleuren van het licht - rood, groen en blauw - die door scanners, monitoren en andere computerapparaten worden gebruikt. Anti-aliasing Een proces voor het verwijderen van het karteleffect bij diagonale lijnen van een afbeelding, waarbij langs de randen dots van een overgangstint worden ingevoegd. Apparaatdriver Een softwaremodule die het besturingssysteem vertelt hoe bepaalde hardware zoals een scanner moet worden bestuurd. Array Gegroepeerde elementen, zoals sensoren. Aspectverhouding De relatieve proporties van de lengte en de breedte van een afbeelding. Als u bijvoorbeeld een origineel scant dat 8 bij 12 cm meet, heeft deze afbeelding een aspectverhouding van 8:12 of 2:3. Automatic discrimination Een De mogelijkheid van een scanner om automatisch het verschil te herkennen tussen gescande documenten, zoals bijvoorbeeld tekst en foto's, en automatisch de instellingen aan te passen voor de meest optimale scan kwaliteit. Automatische documentinvoer (ADF) Een apparaat dat op een scanner is aangesloten en dat automatisch telkens één pagina tegelijk invoert, waardoor meerdere pagina's kunnen worden gescand. Auto crop Een functie van de scanner of scan software die zorgt voor het automatisch bijsnijden van een gescand document op de juiste lengte. Auto trace Een functie van veel objectgeoriënteerde programma's voor beeldbewerking, zoals Adobe Illustrator, waarmee u de contouren van een gescande afbeelding kunt volgen en de afbeelding kunt omzetten in een contour- of vectorformaat. BBatch Acties die achtereenvolgens op een set bestanden worden uitgevoerd. Bijsnijden (crop) Een afbeelding of pagina digitaal afsnijden. Bi-niveau Bij scannen een binaire scan waarin alleen de informatie wordt opgeslagen die aangeeft of een pixel in zwart of wit moet worden weergegeven. Bit De afkorting voor een binair getal (binary digit): 0 of 1. Scanners gebruiken meestal meerdere bits om de informatie over elke pixel van een afbeelding te representeren. Bitdiepte Het aantal bits dat wordt gebruikt om kleuren of tinten te representeren. Bitmap Een afbeelding die wordt gedefinieerd als pixels in een rij- en kolomformaat. Adobe duidt een bitmap aan als een twee-kleuren afbeelding. . Bitonal scanning Het scannen van een document in zwart-wit. Black Border Removal Een gescande afbeelding of pagina digitaal afsnijden zodat de zwarte randen wegvallen. Bladvullend Een afbeelding die doorloopt tot de rand van de pagina; dit wordt vaak bereikt door de afbeelding voorbij de rand te laten lopen en de pagina vervolgens bij te knippen op het definitieve formaat. Burn Een deel van een afbeelding donkerder maken. CCache Een geheugenruimte waar de gescande documenten tijdelijk opgeslagen kunnen worden. De cache kan in het geheugen op de scan PC staan, maar staat normaal op de Kofax accelerator kaart. Calibration Het proces waarmee de standaard waarden voor kleur, helderheid en contrast van een scanner opnieuw worden ingesteld. Bij Kodak scanners gebeurt dit door het scannen van een speciaal blad (calibration sheet) dat door Kodak wordt (mee)geleverd. Cameraklaar Illustraties in hardcopyvorm die kunnen worden gefotografeerd om negatieven of platen voor printen te produceren. Cast Een zweem kleur in een afbeelding. CCD (charge-coupled device) Een type halfgeleidersensor dat in scanners wordt gebruikt en dat licht registreert dat door een origineel wordt gereflecteerd of uitgezonden. Character Reconstruction Het proces waarmee een letter, cijfer of teken wordt hersteld voor een betere herkenbaarheid. Checksum Een extra code of teken dat wordt toegevoegd aan verschillende soorten barcodes waarmee kan worden gecontroleerd of de gelezen en herkende tekenreeks correct is. Chroma Kleur, waarin de kleurschakering en de verzadiging zijn gecombineerd. Chromatische kleur Een kleur met ten minste één kleurschakering beschikbaar en een zichtbaar niveau van kleurverzadiging. CIS (Contact Image Sensor) Een nieuw type beeldsensor met beperkte resolutie dat wordt gebruikt in kleinere, goedkopere scanners. CMOS (Complementary Metal Oxide Semiconductor sensor) Een nieuw type sensor dat in scanners en digitale camera's wordt gebruikt en dat is gebaseerd op een halfgeleiderproces voor digitale elektronica en niet voor analoge elektronica zoals in de CCD. CMYK De afkorting voor de vier standaardkleuren Cyaan, Magenta, Yellow (geel) en blacK (zwart). Contrast Het verschil tussen de lichtste en donkerste waarden in een beeld. Zo heeft een beeld met een hoge contrastwaarde weinig grijstinten tussen zwart en wit en heeft een beeld met een lage contrastwaarde juist veel grijstinten tussen zwart en wit. Crop Een afbeelding of pagina digitaal afsnijden. DDensity (Helderheid) De balans tussen licht en donker. Een beeld met een hoge helderheidwaarde is lichter een beeld met een lage helderheidwaarde is donkerder. Desaturatie Kleur uit een afbeelding of kleurschakering verwijderen. Deshade Het weghalen van ongewenste schaduwen van een afbeelding. Deskew (Rechtzetten) Het corrigeren van een schuin gescande afbeelding door het rechtzetten. Despeckle Het weghalen van ongewenste groepjes pixels (puntjes) van een afbeelding. Dichtheid De lichtheid of donkerte van een afbeelding of een deel van een afbeelding. Diffusie De willekeurige distributie van grijstinten in een gebied van een afbeelding. Digitaliseren Analoge informatie, zoals een papieren document of afbeelding, converteren naar een binaire vorm die door een computer kan worden verwerkt. Dithering Een manier om grijstinten of kleuren te simuleren door dots te groeperen, zodat ze kunnen worden samengevoegd tot tussenliggende kleuren of tinten. DMA (Direct Memory Access) Deze term verwijst naar de directe verplaatsing van gegevens van het geheugen naar een ander apparaat. Document Separator Een speciaal blad dat wordt gebruikt om documenten met een variabel aantal pagina's te scheiden zodat de scanner kan herkennen waar het ene document eindigt en het volgende document begint. Normaal is een Document Separator ( of Separator Sheet) voor zien van een speciale barcode of patch code. Zo'n code kan ook door de scansoftware gebruikt worden voor bijvoorbeeld het herkennen van het document type. Double Feed Detection Een mechanisme in de scanner die bij het invoeren van de bladen detecteert dat er twee of meer bladen tegelijkertijd worden ingescand. Dot (Pixel) Een eenheid voor het kleinste element waar de printer een beeld van kan vormen; wordt soms ook gebruikt om de resolutie van andere apparaten aan te duiden. DPI Dots Per Inch Het aantal tekens per inch. Een eenheid waarmee wordt aangegeven hoe fijn of grof de afbeelding wordt/is gescand. Hoe hoger de DPI hoe beter de afbeelding te lezen is. Voor document management toepassingen is dit typisch 200dpi voor zwart-wit en 100dpi voor kleuren afbeeldingen. Wanneer het gescande document herkent moet worden (OCR, OMR, ICR) dan wordt een hogere resolutie gebruikt. Minimaal 300dpi. Het aantal DPI bepaalt ook de grote van het gescande bestand. Een zwart-wit TIFF van een A4 document in 200dpi is zo'n 25Kbytes groot (zo'n 20.000 A4s op 1Gbyte) en in 300dpi is het zo'n 50Kbytes groot (zo'n 10.000 A4s op 1Gbyte). Drop-out colour (Uitvalkleur) Een kleur die tijdens het scannen van grijstinten onzichtbaar is voor een scanner. Down-sampling De hoeveelheid informatie in een afbeelding verminderen, meestal om de afbeelding kleiner te maken. Duplex scanner Een scanner die dubbelzijdig kan scannen, dus beide kanten van een document in één keer. EEdge enhancement Het proces om de randen van de tekens te bewerken voor een betere kwaliteit afbeelding. Element De witte ruimte tussen de bars van een barcode. Endorser Een printer module die in een sommige scanners zit waarmee een tekst of getal kan worden afgedrukt op een document voor of na het scannen. Exporteren Een afbeelding overzetten naar een extern systeem. FFilter Een hulpmiddel voor het veranderen van een afbeelding dat bij het bewerken van de afbeelding wordt gebruikt, bijvoorbeeld om deze scherper, vager of diffuser te maken. Filters zijn vaak plug-ins bij beeldbewerkingssoftware, maar ze zijn ook ingebouwd in scansoftware of -hardware. FlashPix Een nieuw afbeeldingsformaat dat afbeeldingen in een serie verschillende resoluties opslaat. Flatbed Een type scanner waarbij de te scannen documenten ook plat op een glazen plaat gelegd kunnen worden. Vooral handig bij afwijkende formaten en voor het scannen van bladzijden uit tijdschriften en boeken. Deze scanners beschikken ook over een ADF (Automatic Document Feeder) Forms Processing Het proces van scannen en verzamelen van gegevens van formulieren (forms). Dit proces stelt specifieke eisen aan de software en de scanners om het foutpercentage te minimaliseren en het onderhoud van de instellingen beheersbaar te houden. Frequentie Het aantal lijnen per inch in een halftoon scherm. GGamma Een manier om het contrast van een afbeelding aan te duiden, getoond als de helling van een curve die de tinten van wit naar zwart voorstelt. Gammacorrectie of gammacompensatie Het proces van aanpassing van een afbeelding om te corrigeren voor het gamma van het apparaat, bijvoorbeeld een printer of beeldscherm, waarmee de afbeelding wordt gereproduceerd. Gang scan Het proces van meerdere afbeeldingen tegelijk scannen, dat wordt gebruikt wanneer afbeeldingen hetzelfde dichtheid- of kleurbalansbereik hebben. GIF (Graphics Interchange Format) Een gecomprimeerd afbeeldingsformaat dat veel op het Web wordt gebruikt. GIF was het eerste veelgebruikte afbeeldingsformaat, maar is grotendeels vervangen door JPEG. Grayscale scanning Het scannen van een document in grijstinten in plaats van zwart-wit of kleur. Grijscomponent verwijdering Een proces waarbij in delen van een afbeelding die alle drie de proceskleuren bevatten een gelijke hoeveelheid grijs wordt vervangen door zwart om pure, levendige kleuren te produceren. Grijswaarden De grijstinten in een afbeelding. HHalfroning Een methode om de grijstinten in een afbeelding weer te geven door de grootte van de dots te variëren waarmee de afbeelding wordt opgebouwd. Helderheid (density) De balans tussen licht en donker. Een beeld met een hoge helderheidwaarde is lichter een beeld met een lage helderheidwaarde is donkerder. Highlight De helderste gedeelten in een afbeelding. Histogram Een soort staafdiagram dat de verdeling van grijstinten in een afbeelding aangeeft.. HSB kleurmodel (Hue, Saturation, Brightness) Een model dat alle mogelijke kleuren definieert door een bepaalde kleurschakering te definiëren en daar vervolgens percentages van zwart of wit bij op te tellen of van af te trekken. IICR Intelligent Character Recognition Dit is een techniek voor het herkennen van handgeschreven tekens. Deze techniek bestaat ook al langer. De zwakte van deze techniek is natuurlijk de kwaliteit van de geschreven tekens. Echt geschreven tekst wordt nauwelijks juist herkend. Pas na uitvoerig trainen van de algoritmes op specifieke handschriften levert deze techniek betere resultaten op. Echter, bij het schrijven van blokletters en -cijfers, bij voorkeur in speciaal aangegeven vakjes, kan het resultaat toch acceptabel zijn en veel handmatig werk voorkomen. Zeker als deze techniek ook nog in combinatie met database koppelingen kan worden gebruikt. Interpolatie Een methode om de grootte, de resolutie of de kleuren van een afbeelding te wijzigen door de pixels voor de nieuwe afbeelding te berekenen aan de hand van de pixels van de oude afbeelding. Inverteren De tinten van een afbeelding veranderen in hun tegenovergestelde waarden om een negatief te maken. iThresholding Deze techniek van Kodak analyseert een gescand grijswaarden beeld en optimaliseert het beeld voor de conversie naar een bitonal beeld. Anders gezegd: het zorgt voor het automatisch aanpassen van het contrast en de helderheid van ieder gescand document. Het werkt samen met PerfectPage en is beschikbaar in verschillende Kodak scanners, o.a. de 800 serie en de 3520. JJPEG (Joint Photographic Experts Group) Het JPEG-formaat biedt een compressieschema waardoor het afbeeldingbestand kleiner wordt. JPEG2000 Grafisch bestandsformaat als opvolger van JPEG. JPEG2000 is gebaseerd op zogeheten wavelettechnologie, die de inhoud van het oorspronkelijke plaatje herordent. De technologie deelt het frequentiespectrum van het origineel op in een reeks ?subbanden?. Per band wordt het gedeelte van de afbeelding dat daar invalt, gebundeld in één pakket. K
Kalibratie Een manier om de variaties in de invoer van apparaten zoals scanners of monitoren ten opzichte van de originele kwaliteit van de scanner te corrigeren. Kleurcorrectie De kleurbalans in een afbeelding wijzigen, meestal om de kleuren in de afbeelding nauwkeurigere te reproduceren. Kleurschakering (Hue) Een pure kleur. Klonen Pixels van het ene deel van een afbeelding naar het andere deel kopiëren. LLandscape De oriëntatie van een pagina waarbij de langste dimensie horizontaal is. Lijnscherm De resolutie of frequentie van een halftoon scherm, uitgedrukt in lijnen per inch. Lijntekeningen Afbeeldingen die meestal bestaan uit uitsluitend zwarte en witte lijnen. LPI (Lines per Inch) De maateenheid die wordt gebruikt voor het meten van de halftoon resolutie. Luminantie De helderheid of intensiteit van een afbeelding. Wordt bepaald door de hoeveelheid grijs in een kleurschakering en geeft de lichtheid of donkerte van een kleur aan. MMaskeren Een deel van een afbeelding bedekken zodat andere bewerkingen er niet op van invloed zijn. Mengen De overgang tussen gebieden van een afbeelding verbeteren door de grenzen tussen de gebieden vloeiender te maken. Miniatuur (Thumbnail) Een miniatuurkopie van een pagina of afbeelding die u een idee geeft van hoe het origineel er uitziet zonder dat u het bestand hoeft te openen of de afbeelding op ware grootte hoeft te bekijken. Moiré Een ongewenst patroon bij scannen dat wordt veroorzaakt door interferentie van halftonen; het patroon ontstaat vaak wanneer een halftoon afbeelding opnieuw wordt gescand en de samplingfrequentie van de scanner (spi) interfereert. Monochroom Eénkleurig. Verwijst meestal naar een zwart-wit afbeelding, maar kan elke afbeelding met één kleur aanduiden. NNoise (Ruis) Pixels op een gescand image dat kan worden veroorzaakt door vuil of electrostatische storing. Non-lossy Een compressie algoritme is non-lossy als er geen verlies van informatie optreed. OOCR (Optical Character Recognition) Het proces van de conversie van een afbeelding (bitmap) naar de ASCII-tekens en andere kenmerken van een bitmap-afbeelding of tekst. OCR Zone Een rechthoekige deel van een afbeelding waarbinnen de tekens moeten worden herkend. OMR (Optical Mark Recognition) Herkenning op basis van ingevulde vakjes op een bitmap-afbeelding. Optische Resolutie De resolutie van een scanner die wordt berekend door de breedte van het gescande gebied te delen door het aantal pixels in de CCD. Optical Disk Een algemene aanduiding voor iedere disk die met behulp van laser wordt geschreven en gelezen: CD, DVD, MO (Magnetic Optical). Bij scanning en imaging wordt bij voorkeur gebruik gemaakt van MO disks vanwege de hoge betrouwbaarheid en lange bewaartijd. PPalet Een set tinten of kleuren die beschikbaar is om een afbeelding te produceren. Patch Code Een patroon van horizontale zwarte balken met witte tussenruimte die een code vormen die door de scansoftware of het accelarator board kunnen worden herkend. Een patch code blad is een document dat wordt gebruikt voor het scheiden van documenten (zie Document Separation). Parallel Gegevens met een aantal bits tegelijk verplaatsen, in plaats van met één bit tegelijk. Veel scanners gebruiken parallelle verbindingen (een SCSI-verbinding of parallelle printerverbinding) om afbeeldingsinformatie te verplaatsen. PerfectPage Perfect Page is een door Kodak ontwikkelde imaging technologie die voor perfect gescande beelden zorgt. PerfectPage voorkomt, net als VRS, het tijdrovende proces van het "spelen" met instellingen voor contrast en helderheid en het steeds weer herscannen van moeilijke documenten op ze toch goed leesbaar te maken. PDF (Portable Document Format) Adobe's Acrobat formaat. Wordt algemeen gebruikt voor het uitwisselen van documenten over het internet. Er is een gratis viewer van Adobe beschikbaar. Pixel Een beeldelement van een afbeelding dat één dot in een digitale foto aanduidt. Een foto bestaat uit duizenden pixels. Portrait De oriëntatie van een pagina waarbij de langste dimensie verticaal is. Posterisatie Een streepeffect dat wordt geproduceerd door het aantal grijstinten in een afbeelding te verminderen. PPI (Pixels Per Inch) Het aantal pixels dat per inch door een scanner wordt geregistreerd. Dit is voor scanners een nauwkeurigere term dan dpi (dots per inch), omdat scanners pixels registreren. Prescan Een test scan met een proefafbeelding voor het controleren van de juiste scan settings. Prescan cache Een geheugenruimte waar de gescande documenten tijdelijk opgeslagen kunnen worden voordat ze worden verwerkt door de scansoftware. Progressive Encoding Een methode waarbij meerdere resoluties van dezelfde afbeelding in hetzelfde bestand worden opgeslagen. De Client van het DMS systeem kan dan bepalen welke resolutie naar de Client moet worden gestuurd. Lage lijnsnelheid: lage resolutie, hoge lijnsnelheid: hoge resolutie. QQuantisering Een andere naam voor posterisatie. RRasterafbeelding Een afbeelding die door rijen en kolommen met pixels wordt gedefinieerd. Scanners registreren afbeeldingen als rasterafbeeldingen, hoewel sommige scanners dergelijke afbeeldingen kunnen omzetten naar vectorafbeeldingen. Raster naar Vector conversie Het proces waarbij de lijnen en lijnstukken van een rasterafbeelding worden onderzocht en vervolgens een nieuwe afbeelding wordt gemaakt die er hetzelfde uitziet maar die in plaats van uit pixels uit lijnen bestaat. Reflectiekopie Afbeelding die in wordt bekeken en gescand door licht op het oppervlak te laten reflecteren, in plaats van licht erdoorheen te zenden. Resolutie Het aantal pixels of dots per inch (DPI) in een afbeelding; een eenheid waarmee wordt aangegeven hoe fijn of grof de afbeelding wordt/is gescand. Hoe hoger de resolutie hoe beter de afbeelding te lezen is. Voor document management toepassingen is dit typisch 200dpi voor zwart-wit en 100dpi voor kleuren afbeeldingen. Wanneer het gescande document herkent moet worden (OCR, OMR, ICR) dan wordt een hogere resolutie gebruikt. Minimaal 300dpi. De resolutie bepaalt ook de grote van het gescande bestand. Een zwart-wit TIFF van een A4 document in 200dpi is zo'n 25Kbytes groot (zo'n 20.000 A4s op 1Gbyte) en in 300dpi is het zo'n 50Kbytes groot (zo'n 10.000 A4s op 1Gbyte). Retoucheren Onvolkomenheden verwijderen of een nieuw effect in een afbeelding creëren. samplefrequentie of samples per inch - Het aantal pixels per inch dat door een scanner wordt geregistreerd. Ruis (Noise) Willekeurige informatie die een afbeelding vervormt, met name de achtergrond. SSaturatie Een kenmerk van een kleur dat de mate definieert waarin een pure kleur is gemengd met wit of grijs. Een kleur met een lage kleurverzadiging ziet er flets uit. Een zeer verzadigde kleur is puur en levendig. Scale To Gray Een proces waarmee een afbeelding beter leesbaar wordt op een computerscherm. Scanner Een apparaat dat afbeeldingen of tekst inleest en naar een bitmapafbeelding converteert. Scanpreview Een voorlopige scan die kan worden gebruikt om het exacte gebied voor de definitieve scan te bepalen. Schaduw Een kleur waar zwart aan is toegevoegd. SCSI (Small Computer Systems Interface) Een interfacestandaard uit de computerindustrie die wordt gebruikt voor het aansluiten van randapparaten op personal computers. Selectiegebied Het gedeelte van een scanpreview dat u selecteert om op te slaan in een bestand om verder te bewerken. Serieel Het met één bit tegelijk verzenden van informatie in opeenvolgende volgorde; wordt gebruikt bij modems en bij sommige scanners. USB en FireWire zijn zeer snelle seriële interfaces. Sharpen De zichtbare scherpte van een afbeelding verhogen door het contrast tussen de aangrenzende tinten of kleuren te verhogen. Simplex scanner Een scanner die alleen enkelzijdig kan scannen, dus niet Duplex. SPI Deze afbeeldingen zijn vectorafbeeldingen in plaats van rastertekeningen; ze kunnen na de scan worden vergroot of verkleind zonder dat er schaalonvolkomenheden ontstaan. Sommige HP scanners kunnen schaalbare zwart-wit afbeeldingen creëren. Streak Removal Het proces waarmee ongewenste strepen en vegen van een afbeelding verwijdert worden. TTekstkenmerk Kenmerken van een pagina of een teken, zoals onderstreept, vet of een font, die kunnen worden herkend door een softwareprogramma voor tekstherkenning (OCR). TIFF (Tagged Image File Format) Een grafisch bestandsformaat dat oorspronkelijk speciaal voor scanners werd ontwikkeld. Het bestandsformaat kan worden gebruikt om afbeeldingen in grijstinten of kleurenafbeeldingen op te slaan en is nu een standaard afbeeldingsformaat dat door de meeste applicaties wordt ondersteund. Thumbnail Een miniatuurkopie van een pagina of afbeelding die u een idee geeft van hoe het origineel er uitziet zonder dat u het bestand hoeft te openen of de afbeelding op ware grootte hoeft te bekijken. Thresholding Het proces waarbij alle delen die donkerder zijn als een specifieke waarde als zwart worden gezien en alle andere delen als wit. Dit wordt gebruikt bij het omzetten van grijswaarden images naar zwart/wit. Tussentinten De delen van een afbeelding met een waarde tussen zwart en wit; de waarde valt meestal in het bereik van 25 tot 75 procent. TWAIN Een softwaredriver-interface tussen een scanner en andere apparaten voor beeldregistratie, waarmee u afbeeldingen direct naar bewerkingssoftware zoals PhotoImpact kunt scannen. UUitvalkleur (Drop-out colour) Een kleur die tijdens het scannen van grijstinten onzichtbaar is voor een scanner. USB interface Een geavanceerde seriële interface die grote aantallen apparaten ondersteunt. USB is veel snelle dan traditionele seriële interfaces. V
Vectorbeeld Een afbeelding die wordt gedefinieerd door de begin- en eindpunten van elke lijn. Vergroten/verkleinen Een het formaat van afbeelding veranderen. Verscherpen (Sharpen) De zichtbare scherpte van een afbeelding verhogen door het contrast tussen de aangrenzende tinten of kleuren te verhogen. Verscherpend masker Een techniek die door scanners en beeldbewerkingssoftware wordt gebruikt om de scherpte van een afbeelding te vergroten. Verzachten (Blur) De grenzen tussen de tinten van een afbeelding vager maken, meestal om het uiterlijk van de afbeelding minder ruw of kartelig te maken. Vlak Een afbeelding met een laag contrast. VRS (Virtual Re Scan) VirtualReScan (VRS) is in feite een elektronisch check-point voor de gescande documenten: terwijl de images voorbij komen, voert VRS op ieder image verscheidene inspecties uit. Zo checkt VRS het image op helderheid, kontrast, scherpte en uitlijning (staat ?t recht). Elke afwijking wordt direct door VRS herstelt, zodat steeds de best leesbare images worden geproduceerd. VRS voorkomt het tijdrovende proces van het "spelen" met instellingen voor contrast en helderheid en het steeds weer herscannen van moeilijke documenten op ze toch goed leesbaar te maken. WWagen Het scanneronderdeel dat langs een pagina omlaag beweegt om het beeld te registreren. Width Ratio De verhouding tussen de breedte van de dunste en de dikste balk in een barcode. ZZoomen Een deel van een afbeelding vergroten. Zone OCR Bij zone-OCR geeft men heel specifiek dat deel van de afbeelding op dat moet worden herkend, dus niet het hele document, maar slechts een stukje. Deze techniek wordt veelal gebruikt voor het herkennen van data op formulieren: een specifiek veld bevat dan specifieke data. Bij zone OCR kan de definitie van de te verwachten data dus heel precies gebeuren, wat een hoge betrouwbaarheid oplevert. |
|
|







